Na twee weken corona sluiting gaat de bieb weer open. Ik kan nog net een plekje bemachtigen deze week. Want zonder reservering mag je de bibliotheek niet in.
Ik weet de weg nu en ga naar de afdeling romans. Nog steeds geen bordjes met de categorie en ook geen bordjes met alfabet. Ik vind nergens boeken die met de A beginnen. Het begint bij de C.En ik verbaas me over de boeken die er staan. Niet echt romans. Ik zoek en zoek en spreek uiteindelijk een medewerkster aan.
“Neeee “ zegt ze, “de romans staan boven, we vonden dat beter en hebben het verplaatst “.
“Waarom staat dat dan nergens,” vraag ik, “geen tijd” zegt de mevrouw. Ik ga naar boven, vind de romans en snuffel rond. Ook wat op de onderste plank staat wil ik zien. Dat wordt een bezoeking. De onderste plank komt precies tot mijn scheenbeen en ik moet me als een slangenmens dubbel vouwen om iets te kunnen zien. Dat hou ik niet lang vol. Ik ga op zoek naar een krukje of stoeltje. Niet te vinden.
Dan maar door mijn knieen zakken, ik zijg neer en kan de titels van de boeken nu goed zien. Maar helaas ook dat hou ik niet lang vol. Ik probeer omhoog te komen, maar heb gewoon geen kracht om mezelf omhoog te hijsen en laat me omrollen. Daar lig ik languit. Er komt iemand voorbij die net doet alsof het volkomen normaal is dat ik languit liggend op de grond mijn boeken zoek. Ik rol om en kom krakend en steunend omhoog.
Als ik uiteindelijk mijn boeken heb ga ik naar beneden om ze op de computer te registreren. Bij twee van de boeken staat er dat ik ze niet kan lenen, ze zijn gereserveerd door iemand anders en moeten terug in het vak voor reserveringen. Ik doe braaf wat me gevraagd wordt. Weer terug naar boven, andere boeken zoeken. De onderste plank sla ik over en ik vind twee andere boeken. Weer naar de computer en weer krijg ik bij een boek te zien dat het gereserveerd is. Dat wordt me te gortig en ik spreek een medewerkster aan.
“Oh, dat is een foutje “zegt ze blij en verricht enkele handelingen waardoor ik het boek toch kan meenemen.
Gelukt, ik wil naar buiten, dat benauwde mondkapje af en de frisse lucht in. Edoch, er staat een mevrouw met kinderwagen buiten die naar binnen wil. Ze kan niet door de krappe draaideur. Een medewerker komt stralend aanlopen en zegt:
“We hebben hier een prachtig staaltje van techniek”. Hij drukt op de knop bij de draaideur. Er gebeurt niets. De mevrouw wil de draaideur in, de medewerker verschiet van kleur en brult
” Nee nee, even wachten”. Hij drukt weer op de knop en weer gebeurt er niets. De mevrouw raakt geiiriteert en wil weer de draaideur in. Weer brult de man:
“Nee nee”.
Bij de derde poging begint het tussenpaneel langzaam terug te draaien.
De medewerker straalt en zegt:
“Prachtig hè, een mooi staaltje techniek.
Ik heb genoten van je column. De humor ligt op straat, nee in dit geval bij de bibliotheek.