Ik ben geboren in Den Haag. Toen ik zeven jaar was besloten mijn ouders van Den Haag te verhuizen naar Voorschoten. Mijn vader kreeg daar het beheer over een grote opslagplaats van bouw materialen. Als vrachtwagen chauffeur kon hij dan meteen zijn vrachtwagen volladen en naar de betreffende bouwplaatsen vervoeren.
Voor ons kinderen, ik had nog twee zusjes was, was die grote opslagplaats een enorme speeltuin.
We speelden tussen stapels hout en balken en ik met mijn fantasie deed enorme ontdekkingsreizen tussen al die bouwmaterialen. Ik vond het prachtig.
Als ik eraan terug denk vraag ik me af waarom we daar zo vrij mochten spelen. Blijkbaar zagen mijn ouders geen gevaar. In deze tijd zou ik mijn kinderen daar niet laten spelen.
Wij woonden aan een lange doorlopende weg naar Katwijk waar ook in kleine steegjes, huisjes stonden. Zo ook vlak naast ons terrein. Daar woonden een vrouw en een man in een zeer armoedig huisje, maar als kind zag je dat niet.
Het was er ook best wel vies en het rook er heel raar. Aan het plafond hing altijd een grote reep spek. Mijn ouders hadden mij verboden om daar binnen te komen.
Dat deed ik natuurlijk wel, samen met een buurmeisje, want dat vonden we reuze spannend.
De man en vrouw waren niet getrouwd, ze waren oud en vies en heel apart.
De vrouw had een houten been, de man liep altijd in een grijs pak met een krijtstreepje dat van onder tot boven onder de vlekken en viezigheid zat.
Een toilet of douche hadden ze niet. Buiten was een plee en ’s nachts deden ze hun behoefte op een grote po, die dan ’s morgens buiten in het staatje geleegd werd.
Je moest oppassen er niet net langs te lopen anders kreeg je de inhoud van de po over je voeten.
Ik en de alle kinderen uit de buurt noemden de vrouw “ houtepoot ”en de man “opa”.
Ze wilden zelf zo genoemd worden.
Naast hun huisje had opa een kippenhok gebouwd waarin hij vaak ging zitten, tussen de kippen en soms op zondagochtend zat hij daar te zingen.
Prachtige liederen kon hij zingen en ik luisterde daar heel graag naar. Maar zodra hij je zag stopte hij met zingen en op verzoek zong hij nooit.
Ik denk dat hij in zijn jonge jaren operazanger is geweest en aan lager wal is geraakt.
Van Houtepoot wist ik dat ze ooit in Den Haag “onder de blauwe tram” is gekomen, zoals ze zelf vertelde en daarbij haar been is kwijtgeraakt.
In die tijd was het niet mogelijk om te achterhalen wie deze mensen geweest zijn, maar er nu aan terug denkend zou ik heel graag willen weten wat hun levensverhaal is.
Behalve Houtepoot en opa ken ik geen namen, maar ik zou het heel graag willen uitzoeken.
Maar waar te beginnen?
Recente reacties