Selecteer een pagina

Ik ben op zoek naar een nieuw koffie adres voor mijn wandelgroep.
Ik ben coach bij Stichting De Sportvrouw en met mijn groep wandel ik op maandagochtend van 10.00 tot 11.00 uur. We lopen een “rondje meer” of wandelen door Park Zeegersloot.
Om 11.00 uur ontmoeten we elkaar weer bij restaurant “Bij Hen” en drinken we koffie.
Helaas heeft men bij “Bij Hen “besloten om vanaf 1 oktober 2022 pas om 12.00 uur open te gaan.
Een uurtje later gaan wandelen is voor velen geen optie, dus op zoek naar een ander restaurant.
Alleen restaurant “De Zeeger “gaat zo vroeg open.
Ik wil het wel even uitproberen en vragen of wij met een grote groep daar terecht kunnen op maandagochtend. Met mijn dochter ga ik op een middag daar wat drinken en het bevalt ons prima, de koffie is zelfs goedkoper. En ja, we kunnen zeker daar komen koffie drinken.
Mijn dochter en ik besluiten nog even boodschappen te  doen bij Hoogvliet.
Apart, met elk een kar wandelen we rond. Zij heeft Levy in de Maxicosy in de boodschappenkar bij zich.
Bij het vak met augurken sta ik twijfelen, die of deze?
Dan als ik mijn kar wil pakken blijft mijn voet ergens achter haken, ik verlies mijn evenwicht en voel dat ik ga vallen.
Niet op mijn hoofd, niet op mijn hoofd denk ik nog en vervolgens val ik op mijn arm en bonkt mijn hoofd op de grond.
Ik weet zeker dat dit mijn einde is, weet zeker dat ik nu dood zal gaan en lig doodstil.
Ik hoor stemmen en als ik mijn ogen open doe zie ik twee mannenhoofden boven mij hangen.
“Mevrouw, mevrouw “ roepen ze.
“Gaat het mevrouw”? Ja, het gaat, ik leef nog en probeer overeind te komen.
Maar ze duwen me terug.
“Liggen blijven ‘zeggen ze. En in no time staan er allemaal mensen om me heen.
Er wordt een kussentje onder mijn hoofd gelegd en bodywarmers over me heen.
Een vrouw vraagt mij welke dag het is en ik moet mijn vinger naar mijn neus brengen en haar vinger volgen.
Ik kan dat allemaal en wil overeind komen, maar nee dat mag niet.
De ambulance is gebeld en ik moet blijven liggen totdat die er is.
Inmiddels heeft men mijn dochter gewaarschuwd, die bleek van schrik naast mij staat.
Zij dacht dat ik ineens een beroerte had gekregen.
De ambulance broeder stelt ook weer allerlei vragen en onderzoekt mijn lichaam op botbreuken.
Die heb ik gelukkig niet. Hij verontschuldigt zich als hij ook mijn borsten betast om te voelen of ik misschien een rib heb gebroken.
“Zo dat is lang geleden” wil ik zeggen, “mannenhanden om mijn borsten” maar doe het toch maar niet. Op zijn vraag wat er precies gebeurt, antwoord ik:
“ik bekeek de augurken en toen ik de prijs zag viel ik van schrik op de grond”.
Ik dacht grappig te zijn, maar niemand lacht. Geen leuke grap.
Dan mag ik voorzichtig weer opstaan. De ambulance broeder voelt aan mijn hoofd.
Nee, gelukkig geen bult, ik ben niet duizelig, heb alleen pijn aan mijn arm waar ik op ben gevallen.
Juist die ochtend heb ik een coronaprik gehaald, dus mijn arm was al wat gevoelig.
Nu alles goed is kunnen we weer verder. Ik kijk waar ik aan ben blijven haken, maar er is niets te zien.
“Beter je benen optillen” zegt mijn dochter.
Ja dat is misschien wel zo, maar toch was er iets, maar wat??